Instroom leerjaar 3
Toelating vmbo-afdeling
Twee jaar vmbo

  • Boekentips
    Lentekriebels, meivakantie, lekker luieren in de tuin, hooikoortspilletje en een goed boek ... De...
    Lees meer ...
  • Fietsreparatie
    Al meer dan een jaar kun je voor reparaties aan je fiets terecht bij de fietsenmaker op het Blariacumcollege. ...
    Lees meer ...
Structuur van de onderbouw Print E-mail
N.B. met ‘hij’ en ‘hem’ bedoelen we zowel meisjes als jongens

We hebben vier verschillende soorten activiteiten: expertles, vakles, OLC (open leer centrum) en iXport, ons sportproject.
Bij een expertles geeft de expert (de vakdocent) een instructie. Deze lessen duren kort (25 minuten) want ze vragen veel concentratie. Er wordt klassikaal instructie gegeven, dit gebeurt op de eigen thuisbasis.
Bij een vakles (50 minuten) wordt er door de vakdocent in het vaklokaal op de benedenverdieping les gegeven waarbij de activiteiten elkaar afwisselen, bijv. science, gymnastiek, verzorging, kunst & cultuur. Het zijn dus expertlessen waarbij de leerling actief bezig is.
In het OLC zijn leerlingen zelfstandig bezig met het verwerken van de leerstof. De leerlingen kunnen beperkte keuzes maken: ze kunnen de werkvolgorde kiezen, ze kunnen de vakken doen in de volgorde zoals ze dat willen, ze kunnen schrijven, leren en via de computer werken afwisselen. Dit gebeurt op de thuisbasis onder toezicht van een of meerdere docenten, afhankelijk van het aantal leerlingen dat aan het werk is. Er is een beperkte samenwerking o.a. maatjeswerk, dus in tweetallen, leerlinguitleg. Het hoofdaccent ligt op dat werken aan het eigen programma. De docenten geven individueel of in kleine groepjes extra hulp. De leerling corrigeert zijn eigen werk. De controle gebeurt door de docent. De leerling werkt aan de weekplanner die elke vrijdag afgerond moet zijn.
In de projecttijd is er sprake van een sportproject. De leerlingen maken onder begeleiding van de eigen docenten kennis met allerlei sporten. Sportinstructeurs en –trainers bieden deze activiteit aan.

Voor leerlingen die structuurgevoelig zijn, geeft de weekplanner veel houvast. Op de weekplanner wordt vermeld wat er in de expertlessen behandeld wordt, wat de taken zijn die de leerling zelf uit moet voeren (in het OLC en/of thuis), wat de extra taken zijn als de basisstof klaar is en welke proefwerken en schriftelijke overhoringen er gepland zijn. Van te voren is dus bekend wat er die week gaat gebeuren. Elke leerling heeft zijn eigen weekplanner.
De expertlessen zijn ten opzichte van ‘vroeger’ verkort. Het is duidelijk voor de leerling dat hij op dat moment goed op moet letten. Deze intense concentratie wordt gedurende 25 minuten gevraagd.
Het werken in het OLC is zeer gestructureerd en aan allerlei regels en afspraken gebonden. Daardoor weet de structuurgevoelige leerling heel goed wat er van hem verwacht wordt en wat hij van de medeleerlingen en de docenten kan verwachten. Zelfstandigheid waar dat kan.
De vaklessen lijken veel op de lessen zoals we die al langer kennen in het voortgezet onderwijs. Door de zelfstandigheid een grotere plaats te geven is het voor de leerling nog duidelijker gestructureerd. Aan de leerling wordt een weekplanner gegeven waarin de taken voor de verschillende vakken op een eenduidige manier worden aangegeven. Er komen dus minder onverwachte zaken naar voren. De leerling weet van te voren precies wat er van hem verwacht wordt.
De projecttijd is voor de structuurgevoelige leerling een lastigere tijd. De situatie is wat vrijer en daardoor onoverzichtelijker. Het is de bedoeling dat de leerling in de twee jaren onderbouw een vrijere situatie leert hanteren en dat de leerling leert zijn gedrag daarop af te stemmen. In de bovenbouw en het mbo komen leerlingen deze situatie ook geregeld tegen; het is dus belangrijk om ook bij deze activiteit het gedrag te leren sturen.

De vakken zijn voor een deel in vakgebieden ondergebracht. Op het rooster staan: Nederlands, Engels, Duits, wiskunde, Mens & Maatschappij, Mens & Natuur, Kunst & Cultuur, Sport & Bewegen, Persoonlijke ontwikkeling.

Het restaurant en het atrium zijn op de benedenverdieping. In de lunchpauze kunnen de leerlingen daar eten. Voor sommige structuurgevoelige leerlingen kan het teveel gevraagd zijn om in het grote restaurant te lunchen. Voor deze leerlingen is er op de eigen thuisbasis de mogelijkheid om in rust met een kleine groep te lunchen. Zodra deze leerlingen het aan kunnen gaan ook zij naar beneden voor de lunch. De leerlingen van onze zorgafdeling nemen in het begin een aparte trap en gaan niet via het atrium en de grote open trap, maar nemen meteen bij de ingang de kleine trap, die alleen toegankelijk is voor leerlingen van onze afdeling en die direct in de thuisbasis uitkomt.  

Kortom: groepsgewijze instructie met individuele verwerking van de leerstof via een weekplanner. Naast het groepsgewijs werken leveren we ook Maatwerk waar dat nodig is. In de periode van de onderbouw in het LWOO+ (klas 1 en 2) beginnen we met veel bescherming en ondersteuning en werken we toe naar steeds grotere zelfstandigheid. We leggen een stevige basis voor verder leren na de onderbouw.